10 jaar na brand bij Chemie-Pack: schoonmaak gifgrond kost tientallen miljoenen en duurt nog jaren

5 januari om 07:00 • Aangepast 12 januari om 13:49
Chemie-Pack brandde in 2011 af.
Chemie-Pack brandde in 2011 af.
Zelden heeft een ramp in Nederland zoveel impact gehad op het milieu als de brand bij Chemie-Pack in Moerdijk. Vandaag is het tien jaar geleden dat bij het bedrijf een inferno ontstond. Een cocktail aan chemicaliën en vervuild bluswater kwam in de bodem terecht. Zelfs een decennium na de allesverwoestende brand zijn de saneringswerkzaamheden nog in volle gang.
Profielfoto van Robert te VeeleProfielfoto van Erik Peeters
Geschreven door
Robert te Veele & Erik Peeters

De hoogste alarmfase werd afgekondigd toen op 5 januari 2011 om precies 14.26 uur de brand bij Chemie-Pack werd gemeld. In een mum van tijd stond het bedrijf in lichterlaaie. Vijf loodsen met duizenden liters giftige stoffen gingen in vlammen op.

Bekijk hieronder de reportage op YouTube over tien jaar na de brand bij Chemie-Pack:

Wachten op privacy instellingen...

Dikke zwarte rookwolken trokken over het Hollandsch Diep naar Zuid-Holland. Vierhonderd brandweerlieden en tien uur blussen waren nodig om het vuur uit te krijgen. De bestrijding alleen al kostte 71 miljoen euro. De schoonmaakwerkzaamheden lopen nog altijd in de miljoenen.

Bacteriën doen de zware klus
"Hier gebeurt het allemaal", zegt design coördinator Sjouke Koen van Heijmans Infra. Hij wijst naar een stel gele containers op het omheinde braakliggende terrein aan de Vlasweg. Het perceel van 70.000 vierkante meter dat ooit die grote tanks met gifstoffen herbergde, oogt misschien wel klaar voor nieuwe bebouwing. Maar schijn bedriegt. "Het meest indrukwekkende zit namelijk onder de grond", vertelt Koen.

Heijmans heeft na de brand in opdracht van de provincie een systeem met kilometers aan buizen, slangen en filters in de bodem aangebracht. Een project waar de provincie en het Rijk zo'n 35 miljoen euro voor betalen. Geen shovels en diepladers, maar minuscuul kleine bacteriën doen de zware klus.

Afgraven te kostbaar
Via pompen in de containers wordt water met voedingsstoffen voor bacteriën tot drie meter diep geïnjecteerd. Tegelijkertijd wordt de grond belucht. De bacteriën die van nature al in de bodem aanwezig zijn, krijgen het hierdoor behaaglijk en worden geprikkeld om de verontreiniging sneller op te eten. Ze zetten de gifstoffen vervolgens om in onschuldige waterstof. Dezelfde pompen halen die stof weer uit de bodem.

Het natuurlijke proces, dat normaalgesproken tientallen jaren zou duren, wordt met wat hulp versneld. De sanering moet op deze manier gebeuren, omdat volledig afgraven niet haalbaar en bovendien veel te kostbaar is.

Kleilaag was uitdaging
Meevaller in het proces is dat een kleilaag op drie meter diepte heeft voorkomen dat de cocktail aan gifstoffen, waaronder bestrijdingsmiddelen, dieper de bodem in kon zakken. Wel zorgde de laag voor een andere uitdaging voor Heijmans.

"De kleilaag loopt glooiend waardoor het heel moeilijk was om dicht op die laag te kunnen beluchten. Hiervoor hebben we speciaal voor dit project een nieuwe techniek ontwikkeld. Daarmee is het gelukt", legt lead engineer Harald Opdam van Heijmans Infra uit.

De komende jaren blijft het terrein nog leeg
Volgens de provincie moet de ondergrondse schoonmaak eind 2023 klaar zijn. Vervolgens wordt dan nog vijf jaar in de gaten gehouden of de gifstoffen voorgoed uit de bodem verdwenen zijn. Daarna kan er pas weer een bedrijf op het terrein gebouwd worden.

Ook het oppervlaktewater dat vermengd raakte met het bluswater moest worden gereinigd. Deze operatie heeft jaren geduurd en kostte het waterschap Brabantse Delta in totaal 11 miljoen euro. De helft heeft het waterschap teruggekregen van het rijk en de provincie. Het resterende bedrag is met de waterschapsbelasting betaald.

Tip ons!
Heb je een foutje gezien of een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.

Wachten op privacy instellingen...